Uit de abdij, in de kerk.
Ja, wat willen we nou? Als je ergens een kerk vindt, is dat toch in een abdij? Een beetje abdij heeft er al gauw twee. Maar de abdij van Onze Lieve Vrouwe van de Pijnboom ligt al eeuwen in puin, tenminste de kerk ervan. Daarom zijn de meeste concerten van dit festival buiten. Voor dit concert wordt uitgeweken naar de dorpskerk van Béruges, het dorpje bij Poitiers waar de abdij ligt.
Op dit concert horen we vrolijke muziek van niet altijd vrolijke componisten. Beethoven, die vanaf zijn 32e worstelde met een almaar slechter wordend gehoor, schiep met de Frühlingssonate een stuk waar de onbekommerde vrolijkheid van afspat - zonder dat de componist oppervlakkig wordt of inboet op zijn vernieuwingsdrang.
Schumann schreef zijn Fantasiestücke opus 73 in een tijd dat (waarschijnlijk) de syfilis hem parten begon te spelen, en waarin hij steeds meer teruggreep op oudere muziek. In deze stukken horen we niets van zijn wanhoop. Bovendien wint als vanouds de vrije vorm, waarmee hij als jonge componist de hemel bestormde, het van de klassieke vormen als de sonate of de variatie.
Sjostakovitsj' oeuvre kenmerkt zich algemeen door een moeizaam klinkende mengeling van wanhoop en bittere ironie. De man had het moeilijk onder het regime, maar eigenlijk denk je dat hij het in geen enkel land naar zijn zin had gehad. Het negende strijkkwartet is een uitzondering. Het stuk staat in Es-groot en is opgedragen aan Irina Antonovna, zijn derde vrouw met wie hij twee jaar eerder getrouwd was.
Jean-Michel Charlier (klarinet), Jean-Marie Bardèche (piano)