In het tweede deel van het Orgelfestival treedt de pijpenkast naar de achtergrond. Het programma bestaat vooral uit zestiende-eeuwse koormuziek.
Wel wordt het koor begeleid door het orgel - iets wat tegenwoordig zelden gedaan wordt, maar wat indertijd waarschijnlijk veel voorkwam. We horen geweldenaren als Palestrina en Lassus, maar ook minder bekende meesters als Raymundi en Pévernage passeren de revue. Uiteindelijk komen we uit bij onze eigen Jan Pieterszoon Sweelinck. In zijn persoon zijn de oude koormuziek en de nieuwe klaviermuziek verenigd. Sweelinck zette eigenhandig de Noord-Duitse klavierschool in gang. Dat feit wordt nog extra geïllustreerd door de muziek van Sweelincks zoon Dirck en zijn navolger Anthoni van Noordt.
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)
Anton Pauw (orgel)
Hemony Ensemble o.l.v. Simon Groot mmv Anton Pauw (orgel)