Er zal altijd een groep mensen blijven die niets van het orgel moet hebben, maar aan dit concert heeft dat niet gelegen.
In anderhalf uur tijd laten drie organisten horen wat het moderne orgel te bieden heeft. Dat doen ze elk op hun eigen manier. Jan Hage speelt gecomponeerde muziek - van Daan Manneke, de favoriet van veel christelijke nieuwemuziekliefhebbers, maar ook van Hans Koolmees, die in een heel andere hoek bezig is. John Terwal leeft zich uit in de wereld van de moderne improvisatie en laat zich daarin bijstaan door sopraan Åsa Olsson en elektronicaman Arno Peeters. Fred van Hove verbindt de orgelimprovisatie met de jazz en huurt rietblazer Wolfgang Fuchs in.
Jan Hage (orgel)
Jan Hage (orgel)
Jan Hage (orgel)
Jan Hage (orgel), Åsa Olsson (sopraan)
John Terwal (orgel)
John Terwal (orgel), Åsa Olsson (sopraan)
John Terwal (orgel), Åsa Olsson (sopraan)
John Terwal (orgel), Arno Peeters (elektronica)
Fred van Hove (orgel), Wolfgang Fuchs (altsax)
Fred van Hove (orgel), Wolfgang Fuchs (basklarinet)