Support the Concertzender

Steun ons door vriend te worden, een donatie te doen of te sponsoren.

Vriend
Ik wil steunen door vriend te worden.
Doneren
Ik wil steunen door een donatie te doen.
Sponsor
Ik wil steunen door te sponsoren.
Ik word vriend voor het bedrag van
per jaar
Ik wil het bedrag van doneren
Ik wil sponsoren met
Ondersteuningsvoorkeuren
Newsletter
Get the latest updates and offers.
Product updates
Learn about new features and products.
Event invitations
Invitatations to exclusive events.
Ik ga akkoord met de algemene voorwaarden
ConcertPodium

Noorderkerk: Liza Ferschtman

15 mei 2004 - Opnamelocatie

De viool is nooit bedoeld om een compositie in zijn eentje te dragen. Maar sommige componisten spelen het toch klaar!

Je hebt melodie-instrumenten, basinstrumenten en instrumenten die alle stemmen kunnen spelen. Tot de laatste categorie horen bijvoorbeeld het klavier, de harp en de luitinstrumenten, maar niet de viool. Die is gemaakt om in de hoogte te schitteren, maar niet om zichzelf te begeleiden.

En toch ... in de kunst kruipt het bloed waar het niet gaan kan. Eind zeventiende eeuw begon de Duitse vioolvirtuoos Biber de viool polyfoon te bespelen. De melodie op de ene, de begeleiding op de andere snaar, desnoods pakte hij vier snaren tegelijk. Een grens was verlegd, een nieuwe standaard was gezet.

In dit concert horen we een jonge Liza Ferschtman met diverse grote composities voor viool solo. Van de generatie na Biber horen we Bach en Telemann. Bachs werken voor viool alleen vormen de Mount Everest voor elke violist: hondsmoeilijk, maar ook overbekend en daarom moet je van goeden huize komen om nog iets toe te voegen. De Partita in E is vermoedelijk (naast de Partita in d met de beroemde Chaconne) Bachs bekendste werk in dit genre. Minder bekend zijn de vioolsolosuites van Telemann. In weerwil van zijn 'gemakkelijke' reputatie laat de Duitse suitekoning ons alle hoeken van de viool zien.

Van een andere orde zijn de Capriccio's opus 1 van Niccolò Paganini. Deze Genuees kreeg na zijn dood de reputatie van lege showman, wiens werk uitsluitend draait om "kijk een wat ik kan". Helemaal eerlijk is dat niet. Ten eerste was Paganini niet alleen heel virtuoos, hij ontwikkelde net als Biber ook tal van nieuwe technieken die de grenzen van het vioolbare sterk verlegden. Ten tweede maakte zijn combinatie van virtuoos showmanschap en romantische uitdrukkingskracht school bij componisten als Chopin en Liszt. Zonder Paganini waren hun etudes er niet geweest.

Eugène Ysaÿe, een late romanticus uit Wallonië, combineert de romantiek van Paganini met de ernst van Bach. Of beter gezegd: hij probeert de ernst van de romantiek, die normaal in zware pianostukken en uit hun voegen barstende symfonieën tot klinken komt, in een enkele viool te vangen.

Paul Hindemith is min of meer een tijdgenoot van Ysaÿe, maar geen geestverwant. Uit alle macht zet hij zich af tegen de romantiek. Nee, de achttiende eeuw, dat waren nog eens tijden! Bij Hindemith klinkt een modern idioom in de klassieke vorm van de sonate, met de contrapunctische strengheid van Bach.

  • 1. Partita nr. 3 in E, BWV 1006

    Liza Ferschtman (viool)

  • 2. Capriccio nr. 2 in b

    Liza Ferschtman (viool)

  • 3. Sonate voor viool solo, opus 31/2

    Liza Ferschtman (viool)

  • 4. Capriccio nr. 9 in E

    Liza Ferschtman (viool)

  • 5. Fantasie nr. 10 in D, TWV 40:23

    Liza Ferschtman (viool)

  • 6. Sonate voor viool solo opus 27/2 'Obsession'

    Liza Ferschtman (viool)