Russisch, Amerikaans of Mediterraan?
Jazz was in de Sovjet-Unie altijd met een magisch randje omgeven. Het was de verboden muziek van de kapitalistische vijand, muziek van lichte zeden die de arbeiders weleens danig kon verleiden om hun heilige missie - de groei en bloei van het socialisme - te laten voor wat het was. Muziek die het proletariaat volstopte met bourgeois ideeën. Muziek waarmee Amerika de moraal van de jeugd ondermijnde. Muziek, kortom, die je absoluut moest horen en maken en die honderd keer spannender was dan de rodelegerliederen kozakkengezangen waar je van de staat wel naar mocht luisteren.
Trompettist Vjatsjeslav Gajvoronski, pianist Andrej Kondakov en bassist Vladimir Volkov stammen nog uit deze Sovjettijd. Voor hen is jazz duidelijk de muziek van het begeerde, vanachter het IJzeren Gordijn begluurde westen. Niet dat ze maar een stelletje imitators zijn, zeker niet! Maar een eigen Russische stem laten ze in hun muziek niet horen. Nee, als Gajvoronski en co. al naar een ander land dan de VS kijken, ligt hun inspiratie in Spanje. Meteen aan het begin horen we een hommage aan Chick Corea in Spain. Verder is het vooral Amerika wat de klok slaat. We horen Summertime en Take the A Train. In hun eigen composities gaan ze naar de bar, dansen ze de wals en bezingen ze hun paard. Duidelijk: het is het wilde westen waar deze wilde oosterlingen heen gaan.